Vrouwen versus mannen; verhoudingsgewijs.

(Verhoudingsgewijs: ”naar de verhouding beoordeeld”. Van Dale)

Eerst een inleiding voor dat ik me aan dit gevoelige onderwerp waag (als man).

Wat is ‘normaal’ eigenlijk?

De gemiddelde lengte van mannen in Nederland is 184 centimeter; wereldwijd is dit 180,4 centimeter. Mijn lichaamslengte is (even geen krimp meegerekend!) 180 centimeter. Ik ben een heel gemiddelde man, zeker ten opzichte van alle mannen in de wereld.

Ik ben dus een heel normale man (wat lichaamslengte betreft…..). Normaal kunnen we statisch bepalen, maar heel vaak wordt normaal ook geïnterpreteerd vanuit een moreel, ethisch opzicht. Wanneer ik zeg dat ik een normale heterosexuele (ik vind sexueel met een x veel sexyer dan met ks) man ben, dan beginnen vast een aantal mensen te steigeren in dit woketijdperk, waar er een grote gevoeligheid is ontstaan ten opzichte van mogelijke veroordelingen ten aanzien van ‘statistisch afwijkende’ bevolkingsgroepen. Want de woordcombinatie ‘normale heterosexuele’ zou kunnen suggereren dat ik heterosexueel normaal vind en niet-heterosexueel moreel niet normaal vind. Onze ideeën over wat normaal is zijn dus niet alleen feitelijk vaststellend, maar in zeer veel gevallen een norm voorschrijvend. Niet zo maar als wenselijk, maar vaak dwingend bepalend, met grote gevolgen wanneer je je niet houdt aan de norm.

De maatschappelijke terreinen waar dit het sterkst (altijd) speelt zijn religie en seks, en worden dan ook zeer vaak als een twee-eenheid met elkaar verbonden. Denk maar aan het celibaat binnen de katholieke kerk, maar ook bij sommige boeddhistische richtingen waar sexuele onthouding voorgeschreven is, of minstens nagestreefd wordt als oefening in ‘onthechting’. In sommige esoterische richtingen, nogal eens afgeleid van het oosterse denken, wordt het streven naar vrijen zonder orgasme geproclameerd, vanuit het idee dat je dan ‘de energie’ niet verloren laat gaan (ben ik nooit bij olifanten tegengekomen trouwens).

Macht in relaties en de nog steeds stelselmatige ontkenning daarvan.

Wanneer we langere tijd een relatie hebben dan lijken veel taakverdelingen als vanzelfsprekend te gaan. Maar wanneer we goed opletten, en we zien dat altijd beter bij anderen dan bij onszelf, dan zien we wie wat bepaalt in die verhouding. Zorgtaken en het regelen van de sociale contacten worden nog steeds veelal gedaan door vrouwen. Niet dat wij mannen dat niet willen doen, maar we besteden het wel gemakkelijk uit en vrouwen nemen het ook gemakkelijker op zich. Dit machtsaspect speelt altijd op ieder moment in iedere relatie! In verhoudingen die harmonie als doel hebben wordt macht vaak ontkent: “Nee hoor, wij hebben nooit woorden, laat staan ruzie”. Als het goed gaat tussen (twee) mensen ontstaat er na enige tijd consensus die door beiden, allen wordt onderschreven. Vaak lijkt er overeenstemming te zijn, maar schijn kan soms bedriegen, en heeft één van de twee zich ‘er’ bij neergelegd en heeft stilzwijgend gecapituleerd. Dit laatste is ‘betonrot in het fundament van de relatie’. Er is dan confrontatie en/of ruzie nodig om de balans van geven en ontvangen in evenwicht te brengen.

In het beste boek over menselijke communicatie [1] wordt dit machtspunt het ‘bevelsaspect’ genoemd in de communicatie binnen een relatie. Duidelijk wordt dat door de manier waarop we iets tegen de ander zeggen. Bijvoorbeeld: “Het is van belang dat je de koppeling langzaam en gelijkmatig laat opkomen”, of “Laat die koppeling schieten en de versnelling is gelijk naar z’n moer”. De inhoud van deze uitspraken zijn ongeveer hetzelfde, maar het is duidelijk dat het om twee verschillende relaties gaat. (Watzlawick, pagina 45). Door de manier waarop we met elkaar praten bepalen we de aard van de relatie die we met elkaar hebben. Officiëler gezegd, het is de manier waarop we de relatie met elkaar definiëren.

De sexuele relatie tussen vrouwen en mannen.

Met betrekking tot dit onderwerp bestaat de wat flauwe, maar veelzeggende uitspraak “Klaar is Kees, en nu Marie nog”.

Misschien is het je niet ontgaan, de publiciteit rond de film “Babygirl” van Halina Reijn. De film gaat over een vrouwelijke CEO die verleidt wordt, dan wel die zich laat verleiden door een jonge, mannelijk stagiair. Dat verleiden ontwikkelt (ontaardt!?) zich al snel in een sadomasochistische verhouding. Een van de meest indringende scenes is dat zij op bevel op de knieën gaat en uit een schoteltje melk drinkt. Binnen deze sexuele, kleinerende relatie krijgt zij wel orgasmes, iets wat niet gelukt is binnen haar huwelijk met haar man, die gelijkwaardige seks met haar had én wilde hebben.

De Britse krant The Guardian gaf de film twee sterren (van de vijf) omdat de thema’s fragmentarisch en niet echt uitgewerkt zijn. Anderen hebben veel lof over de film omdat de vrouwelijke lust en orgasme nu eens op de kaart zijn gezet. Dat is zeker positief, want zelf ben ik een groot aanhanger van het vrouwelijke orgasme, naast dat van mezelf uiteraard. Maar waar het wat mij betreft wringt is de relationele context die geschetst wordt. Al eerder is in boektitels de uitspraak gemunt “Het persoonlijke is politiek”, bijvoorbeeld door Hedy d’Ancona in haar boek met die titel, en in 2002 met dezelfde titel door de Jong en anderen met als ondertitel ‘egodocumenten en politiek’. Hoe wij privé in onze relaties doen en laten is erg bepaald door de cultuur waarin wij leven. En die cultuur wordt altijd sterk beïnvloed door onze politieke leiders en andere ‘cultuurdragers’. Tegelijk speelt de mode en andere identiteitsbepalende commerciële organisaties een grote rol, omdat we, om ons uniek te voelen, vooral elkaar na-apen. Er is dus een voortdurende wisselwerking tussen het persoonlijke en het politieke en visa versa. Zo spelen de sociale media een grote rol ten aanzien van onze lichaamsbeleving, én met betrekking tot onze sexuele identiteit. Jouw mannelijkheid dan wel jouw vrouwelijkheid wordt echt niet (alleen) door je zelf vorm gegeven.

In een film waarin wel op een respectvolle manier het vrouwelijk orgasme centraal staat is “Good luck to you Leo Grande”. Nancy, een oudere vrouw laat in een hotelkamer een jonge mannelijke sexwerker komen. Ze is twee jaar weduwe en heeft nog nooit een orgasme gehad. Ze heeft besloten omdat nooit meer te faken, en gaat in deze film schuchter op zoek en onderzoek naar haar eigen sexualiteit. Het is makkelijk identificeren met deze dappere vrouw, die tot de ontdekking komt dat een orgasme meer is dan het moment waarop je klaarkomt. Het is het ontluiken en ontdekken van een vitaliteit die ze voorheen niet kende van zichzelf. De eindscene is buitengewoon moedig; zowel van de vrouw in de film, maar vooral van de actrice Emma Thompson.

In een cultuur van nu waar alles moet kunnen, en waar tegelijkertijd nog nooit zoveel oordelen zijn en worden geveld, is het gewaagd om een moreel oordeel te hebben over een sadomasochistische verhouding, dan wel praktijk. “Want wanneer mensen dat nu zelf willen, wat is daar dan op tegen”, is dan een vaak gehoord argument. Maar we hebben niet voor niets het woord slaaf vervangen door ‘tot slaaf gemaakte’. Binnen de huidige opinie rond slavernij zal niemand (durven) zeggen: “Maar als ze dat nu zelf gewild hebben?”. Geïnternaliseerde onderdanigheid en onderwerping is van alle tijden. En dit geïnternaliseerde, het tot jezelf gemaakte idee over jezelf, komt altijd voort uit een maatschappelijke context, die waarden en normen voorschrijft over het man-zijn en vrouw-zijn. En het zijn altijd de mannen die voorschrijven hoe vrouwen zich dienen te gedragen of hoe ze zich moeten kleden.

In de Volkskrant van 18 januari (2025) schrijft Merel van Vroonhoven bijna met wanhoop (mijn interpretatie) over de nabije toekomst met Donald Trump aan de macht. Zij beschrijft dat bij autocratische leiders er altijd een speciale genderpolitiek naar voren komt: overdreven hypermannelijkheid, vrouwenhaat en homo onderdrukking. Het is onbegrijpelijk dat meer dan de helft van de Amerikanen, waarvan dus een zeer groot deel vrouw! op een man gestemd heeft die publiekelijk over vrouwen zei ‘grijp ze bij hun kut’. Over geïnternaliseerde onderdanigheid gesproken.

In deze tijd waarin de cultuur voor een groot deel bepaald wordt door de bazen van de techbedrijven zie je ineens die bazen tegen de macht aanschurken. (Goed woord in dit verband trouwens.) Stelletje (excusez le mot) dictatorpijpers.


[1] Paul Watzlawick, “De pragmatische aspecten van de menselijke communicatie”.  Uitgeverij Bohn Stafleu Van Loghum, 1974.

Prent uit de Volkskrant van 18-01-2025

Plaats een reactie