Roxane van Iperen, “Ik zie wat ik geloof”.

‘Big Tech als architect van de nieuwe werkelijkheid’

“Het ideale object van het totalitaire bewind is niet de overtuigde nazi of de toegewijde communist, maar de mensen voor wie het onderscheid tussen feiten en fictie, waar en niet waar, niet langer bestaat”. Hannah Arendt in haar boek “Totalitarisme”

Inleiding.

Op 12 augustus 1981 presenteerde IBM de eerste personal computer, de PC. Dat is slechts 45 jaar geleden! 29 juni 2007 werd de eerste iPhone geïntroduceerd. Beide hebben de wereld op allerlei terreinen, technisch én ook sociaal totaal veranderd. We doen nog wel onze voordeur op het nachtslot, maar haha, mijn gegevens liggen op straat, want ik heb een abonnement bij Odido. Als vervolg op die digitale technieken is de software AI ontwikkeld, waardoor nu al veel gaat veranderen; is de verwachting. Geneesmiddelen worden sneller en preciezer op de patiënt ontwikkeld. De weersverwachting zal beter voorspeld worden en een rustgevende gedachte is dat door AI de militaire drones zelf gaan denken en preciezer gaan bombarderen.

Sociaal heeft de digitalisering ook een bijna niet voor te stellen invloed. Zonder de sociale media was Trump zeer waarschijnlijk niet gekozen, zouden de opstootjes in verband met de AZC plannen nauwelijks plaatsvinden, en zouden Elon Must, Mark Zuckerberg en soortgenoten niet die gigantische invloed hebben.

Roxane van Iperen.

Sommige mensen maken door hun intelligentie, nieuwsgierige interesse, maatschappelijke betrokkenheid en een zekere brutaliteit, dat ik wel met hen een keer zou willen afspreken voor een vijfgangen diner. Want deze combinatie van persoonlijke eigenschappen vind ik heel aantrekkelijk. Makkelijk lijkt me Roxane van Iperen in het persoonlijke domein niet, maar wanneer ze is zoals ze schrijft, dan zul je je zeker niet vervelen met haar. Nu val ik bij het lezen van haar boekje (94 bladzijden) in de confirmation bias, het bevestigingsvooroordeel, waarbij ik helemaal bevestigd word in mijn eigen mening. Dat is altijd oppassen geblazen omdat je er niet echt iets nieuws door leert. Zo is dat ook met dit boekje, want behoudens enkele feitelijke weetjes is het mij allemaal bekend. Dat komt doordat ook ik me zo goed mogelijk op de hoogte houd van de invloeden en effecten van Big Tech. Ik denk ook te weten dat ik hierin (jammer genoeg) tot een vrij kleine groep behoor.

Roxane begint met een beschrijving van een reis met haar kinderen naar New York. Ze staan in de hal van Schiphol, en haar jongste zoon zegt ineens, kijkend naar de mensenmassa “Mama, besef, al die mensen denken dat ze main character zijn”. (In de gamewereld worden personen verdeeld in main characters en NPC’s, of non-playable characters, onbetekenende figuranten). En dan stelt Roxane even verder “Obama, Trump, Wilders, main characters. Biden, Harris, Schoof,: NPC’s. Het gaat hierbij natuurlijk niet of iemand als persoon ‘deugt’, maar of iemand écht invloed dúrft te hebben. De lafheid van Biden bijvoorbeeld heeft er voor gezorgd dat de Oekraïners niet konden verliezen, maar ook niet konden winnen. (zie de blog over Robert Kaplan). Ook Rob Jetten blijkt al een NPC te zijn door ‘onze DigiD’ onder druk van Trump toch aan een Amerikaans bedrijf te verkopen.

Kan ik eigenlijk wel bepalen wie ik zelf ben?

Het is heel moeilijk om écht zelf te bepalen wat je doet en denkt, laat staan dat we kunnen bepalen wie we zijn. Onze identiteit ontstaat door het imiteren van belangrijke anderen. Het sterkst gebeurt dat in onze eerste ‘duizend dagen’, dus de eerste drie jaar. Daarna zet zich dat proces voort via andere personen  en bronnen, meestal uit onze directe omgeving. Daar is een totale omwenteling in gekomen: kinderen tot twee jaar zitten al bijna twee uur per dag achter een scherm, waarvan een groot gedeelte met een mobiel. Met het ouder worden neemt dit alleen maar toe tot 5 à 6 uur per dag bij jongeren en volwassenen. De meeste ouders beseffen niet dat ze daarmee heel veel invloed op hun kind uit handen hebben gegeven aan Mark Zuckerberg en Elon Musk. Natuurlijk speelt imitatie met de ouders hierin een grote rol, die zelf ook verslaafd zijn aan hun mobiel. En, zoals bekend, er gaat een grote invloed uit van de algoritmen die ons steeds een dopaminestoot geven, waardoor we ons prettig voelen. De invloed op onze hersenen wordt langzamerhand door allerlei neuropsychologisch onderzoek duidelijk, we ontwikkelen een ‘fladderbrein’ dat alleen nog een zeer korte aandachtspanne op kan brengen. Ook wel breinrot genoemd. Daarbij worden we overprikkeld, komen tijd tekort, raken in een burn-out en/of krijgen een diagnose ADHD.

Al of geen gedeelde gezamenlijke werkelijkheid.

In een Tv-programma werd aan een aantal mensen gevraagd wat voor hen ‘vrijheid’ was. De antwoorden waren gemiddeld vooral ‘als ik kan doen wat ik wil’. Het confronterende is dat blijkbaar weinig mensen zich realiseren dat vrijheid geen individueel gegeven is, maar een sociaal, gemeenschappelijk. Wanneer iedereen wil doen wat hij/zij zelf wil, dan hebben we een anarchie, het afwijzen van welke autoriteit dan ook. Of van anomie, dat normloosheid betekent en dat volgens de Franse socioloog Émile Durkheim (1858 – 1917) een van de oorzaken van suïcide kan zijn. Normen en dus een gedeelde moraal, gaat niet alleen over dat wat mag of niet mag. Het gaat vooral ook over de relatie die we met anderen hebben, en ons ingebed weten én voelen in die gemeenschappelijkheid, die ons in staat stelt existentiële eenzaamheid naar de achtergrond te schuiven. In de ban geraakt zijn van de ‘techbro’s’ door verslaafd op je mobiel te kijken, trekt ons uit de gezamenlijke fysieke werkelijkheid van bijvoorbeeld het persoonlijke gesprek. Meer dan 60% van de kinderen klaagt dat ze moeilijk contact met hun ouders kunnen krijgen omdat die op hun telefoon zitten (zaten ze er maar op…). Eenzaamheid is één van de grote sociale problemen wereldwijd: per jaar overlijden er 871.00 mensen aan volgens de Wereld Gezondheids Organisatie (WHO).

Door de individualisering wordt de verantwoordelijkheid voor ons welzijn door onze, met name liberale, beleidsmakers bij het individu, de persoon zelf gelegd. Daardoor is er ook een wellnesindustrie (vier keer groter dan de wereldwijde farmaceutische industrie p.16) ontstaan van yoga, retraites, alternatieve geneeskunde met goeroes en goerinnen, die daarbij ook nog allerlei middelen aanprijzen die ons gelukkig zeggen te maken. Allemaal leggen ze de verantwoordelijkheid voor het eigen geluk bij het individu zelf. Maar dat is de grote illusie van het autonome individu; de illusie van het individu zelf én de liberale opvatting. Roxane van Iperen helpt ons uit de droom door de invloed van het politieke klimaat te schetsen.

De macht van de techbro’s, de voedingsindustrie en de grote vermogensbeheerders.

Wat veel mensen niet weten is dat de economische macht bij een klein aantal zeer grote bedrijven ligt en veel minder bij overheden. Dit geldt op dit moment voor de internetbedrijven, de voedingsindustrie en de banken. Denk alleen maar aan de recordbonus die Elon Musk van duizend miljard dollar in het verschiet is gesteld! Het bruto binnenlands product van Nederland in 2026 is slechts 1,5 keer dit bedrag. Dat bedrijven internationaal zo groot kunnen zijn als ze zijn wordt vooral mogelijk gemaakt door internet. En hun invloed is daar evenredig aan en in veel gevallen groter dan de overheid van een land. De invloed die er van uitgaat is alleen maar gericht op commerciële- en machtsdoelen; ons aanzetten tot kopen én tot meningen die in het straatje passen van de techbro’s. Dat is ook de reden dat ik begonnen met de uitspraak van Hannah Arendt.

Lees het boekje van Roxane van Iperen! En mocht het tot een diner met Roxane komen, dan laat ik jullie dat weten.

Plaats een reactie